HOOR WIE KLOPT DAAR, KINDEREN…

“Sint Nicolaas, Sint Nicolaas, brengt ons vandaag weer ee-een bezoek….”  Nog een dikke week sinterklaasliedjes, dan het grote feest. ’s Middags alles opruimen en vervolgens de kerstbomen in de klas. Zo snel kan het gaan…. En dan is het 2012!

 2012 wordt het jaar van de gedegen aanpak. Januari is een mooie maand om te beginnen met het in kaart brengen of opfrissen van de visie van de school.

-Wat willen we eigenlijk?

-Waartoe zijn we aan het werk?

-Weten nieuwe leerkrachten dit ook?

-Handelen we ernaar?

….

Als dat bepaald is, wordt – afhankelijk van de behoefte – een intern of extern spoor gevolgd.

Het interne spoor is gericht op kwaliteit binnen de school. Er is aandacht voor de professionaliteit van organisatie en leerkrachten, onderlinge samenwerking, aanwezige competenties en hoe die kunnen worden ingezet, de invulling van de functiemix.

Het externe spoor is gericht op de relatie van de school met ouders en omgeving. Er is aandacht voor het imago, de communicatie met ouders en eventueel teruglopend leerlingaantal wordt bekeken en tegengegaan.

Uiteraard wordt de invulling van het begeleidingstraject aangepast aan de behoefte van de school.

De inschrijving voor begeleidingstrajecten in 2012 is open. Wees er tijdig bij!

Meer informatie: info@LERENenORGANISEREN.nl

 

Basiskwaliteit met een toefje aangename verrassing

(Webcolumn 2011/10)

Afgelopen maanden heb ik op verschillende scholen gevraagd waar ze dit jaar aan gaan werken. Dat leverde veelal geen kort en krachtig antwoord. Een rij van minimaal 20 verbeterpunten in een schoolplan was geen uitzondering. Maar hoe reëel is het om als school op zoveel items te willen veranderen? Voor veel scholen zal het niet haalbaar zijn, puur omdat er geen overzicht is en geen prioriteiten zijn gesteld.

Leerkrachten raken gestrest of haken af. Zelf weet ik niet wat erger is. In ieder geval komt het beide het onderwijs niet ten goede. Daarbij krijgen ze ook nog eens te maken met die zogenaamde lastige ouders. “Ouders zijn tegenwoordig zo veeleisend.” Maar is dat wel zo? Of komt dat omdat je ze als school dingen beloofd die je niet waar maakt?

Misschien heb ik je wel eens eerder vertelt over het boekje ‘Maak een fan van je klant’ (Blanchard & Bowles, 2011).  Ik ben een fan van dat boekje. Op scholen wordt regelmatig de ouder- en leerlingtevredenheid gemeten. Dit boekje geeft aan dat ‘tevredenheid’ je niet veel oplevert. Je moet zorgen dat mensen ‘fan’ van je worden. Dan verspreiden ze hun enthousiasme. En dat enthousiasme kan jullie school die broodnodige leerlingen opleveren.

Terug naar het schoolplan. Met de items die hierin genoemd staan, zorg je ervoor dat de basis gedekt is en dat je net een stapje meer doet dan de ouders verwachten. Dat is minder moeilijk dan je misschien zou denken. In tegenstelling tot wat vaak gezegd wordt, durf ik te beweren dat de meeste ouders helemaal niet veeleisend zijn. De verwachtingen zijn over het algemeen vrij laag. Als kindlief het naar zijn zin heeft en het duidelijk is dat er geleerd wordt, zijn de papa’s en mama’s over het algemeen snel tevreden. Bedenk daarbij dat veel ouders niet meer weten van onderwijs dan wat ze zelf hebben meegemaakt, aangevuld met de ervaringen van jullie school. Omdat je als onderwijsprofessional wel overzicht hebt op onderwijs in het algemeen en specifiek op jullie school, kun je dat gebruiken voor dat beetje extra waarover ouders (jullie fans?) aan de rand van het voetbalveld vertellen.

En als je vanuit dat oogpunt het schoolplan nog eens bekijkt…. Welke verbeterpunten zijn erop gericht dat de basis op orde komt of blijft? Vertaald naar ouders: welke verbeterpunten moeten ervoor zorgen dat ouders in ieder geval tevreden worden of blijven?En kijk dan eens verder. Met welke verbeterpunten creëren we fans? Hoe zorgen we ervoor dat ons dat ook werkelijk gaat lukken? En hoe kijken we aan het einde van het schooljaar of we dat ook gedaan hebben en of het ons gelukt is?Tot slot zijn er misschien verbeterpunten die niet gericht zijn op tevredenheid en eigenlijk ook geen fanmail zullen genereren. Wat als we die eens schrappen?

Aan de hand van een schoolplan kan ik zien in welke mate ouders tevreden dan wel fan (kunnen) zijn van een school. Dat zie ik aan het aantal, de inhoud en de formulering van de items. Veel, breed en vaag is een garantie voor teruglopend leerlingaantal. Immers, dat kun je niet waarmaken. Een teleurgestelde ouder is geen fan en gaat dat ook niet worden. Fans willen een gegarandeerde basiskwaliteit met een toefje aangename verrassing. En dat komt goed uit. Dat is namelijk precies wat iedere school wil bieden. Of niet?!

KLEIN TESTJE

Welke van onderstaande zin(nen) komt/komen overeen met jullie schoolsituatie?

O We hebben wel een profiel beschreven, maar doen er eigenlijk niets mee.
O De functiemix zorgt bij ons helemáál niet voor een positieve sfeer.
O We horen dat er in de buurt weinig positief over ons gesproken wordt.
O Geen idee hoe we ouders zinvol en leuk kunnen informeren over de functiemix.
O Als ik leerkrachten vraag wat ze zeggen als nieuwe ouders hen aanspreken, hebben ze eigenlijk geen antwoord.

Eén of meer zinnen zijn van toepassing? Neem dan vrijblijvend contact op met FUNCTIEMIX-PO.nl (http://www.functiemix-PO.nl) om te kijken hoe we daar verandering in kunnen aanbrengen. 
Ook voor andere vragen rond de functiemix en/of het waarderen van functies.

Functiemix in verbinding met HRM, CRM en PR

(FUNCTIEMIX-tips 2011-09)

Eerst even wat definities:

Functiemix: Een combinatie van meerdere leerkrachtfuncties (niets meer en niets minder). Binnen het basisonderwijs is dat een mix van de reeds bestaande LA-functie en de nieuwere LB-functie op HBO+-niveau. Daar komt ook nog een hogere LC-functie bij. Was er voorheen alleen ‘de leerkracht’, nu wordt dat gedifferentieerd uitgewerkt naar meerdere werkniveaus. Voor ieder werkniveau gelden andere verantwoordelijkheden en een aangepaste salarisschaal. 

De functiemix heeft een directe aansluiting met HRM.
Human Resource Management (HRM): Personeelsbeleid waarbij de medewerkers worden gezien als belangrijke bron voor het succes van een organisatie. Dit impliceert gerichte aandacht voor het personeel en diens ontwikkeling, ook op langere termijn. 

CRM kan overeenkomstig gedefinieerd worden als HRM.
Customer Relationship Management (CRM): ‘Klantbeleid’ waarbij de relatie tussen organisatie en klant wordt gezien als belangrijke bron voor succes van een organisatie. Dit impliceert gerichte aandacht voor de klanten opdat er een binding tussen klant en organisatie kan ontstaan.

PR, tot slot (Opmerking tussendoor: waarom is het geen PRM?!).
Public Relations (PR): Geheel van activiteiten om het publiek, de doelgroep, kennis te laten nemen van de organisatie. Er wordt beoogt een positief imago op te bouwen waardoor nieuwe klanten zich zullen verbinden aan de organisatie.

Tip 1: Gebruik de functiemix voor HRM
Dit is de meest voor de hand liggende combinatie. Immers functiemix is onderdeel van HRM. Door de differentiatie op leerkrachtfunctie sluit je beter aan bij de wensen en capaciteiten van het personeel. Als we er dan ook nog vanuit gaan dat de nieuwe functies bewust zijn gekozen vanuit de visie en het profiel van de school, is het duidelijk dat ‘de bronnen’ (de leerkrachten) beter benut worden ten behoeve van de organisatie. Tot zover de managementtaal. Wat het betekent, is dat

(1) leerkrachten leuker en beter werken omdat ze kunnen doen waar ze goed in zijn en daarvoor gewaardeerd worden. 
(2) de school beloften over profiel, zorg en organisatie waar kan maken omdat ze daarvoor de expertises binnen het gedifferentieerde leerkrachtenteam kan inzetten.
(3) de sfeer op school professioneler en tegelijkertijd gezelliger kan worden. Bij gericht management (HRM!) ontstaat door de differentiatie een positieve onderlinge afhankelijkheid die de samenhang binnen een team kan bevorderen. 

Tip 2: Gebruik de functiemix voor CRM
De link tussen functiemix en CRM is in eerste instantie misschien minder duidelijk. Maar als je uitgaat van een brede kijk op de organisatie waarbij alle managementactiviteiten eenzelfde doel nastreven, noem het holistisch, volgt de logica snel. Je ziet het ook terug in punt 2 en 3 bij de eerste tip.
De school communiceert visie en profiel aan haar ‘klanten’, de ouders en kinderen van de school. De school doet daarmee (impliciet of expliciet) beloften die waar gemaakt dienen te worden. Je wilt dat ouders en kinderen tevreden zijn over je school omdat je goed onderwijs voor elk kind biedt in een fijne setting. Zowel onderwijsinhoud als sfeer zijn daarvoor dus belangrijk.
Een belangrijk aspect van CRM is communicatie met ‘de klant’. Informeer ouders dus over de functiemix. Laat zien dat je een professionele organisatie bent, die gericht en aandachtig met het personeel omgaat opdat hun kind leuk en goed onderwijs krijgt. Dat je beloften doet en die waar maakt.

Tip 3: Gebruik de functiemix voor PR
De strijd om leerlingen is op veel plaatsen losgebarsten. Leerlingaantallen lopen terug. Hoe zorg je ervoor dat ‘verse ouders’ jouw school kiezen? Door gericht te laten zien waarin je je onderscheidt van andere scholen! ‘Een leuke school waar goed onderwijs wordt gegeven’ is daarbij echt niet specifiek genoeg. De uitwerking van visie en profiel wordt mede mogelijk gemaakt door de functiemix. Vertel de buitenwereld daarover, neem een actieve rol daarin.
Veel leerkrachten wonen in de directe omgeving van de school, overleg wat jullie communiceren (de elevatorpitch) als nieuwe ouders je in de supermarkt om info vragen.
Maak je gebruik van de wekelijkse buurtkrant? Zorg ook dan voor een eenduidig verhaal en schrijf herkenbare stukken waarin je regelmatig refereert aan jullie profiel.
Nog beter is het als ouders spontaan ‘PR-en’. Een gesprekje op het voetbalveld: “Bij ons op school hebben ze extra aandacht voor rekenen. Er is zelfs een leerkracht in gespecialiseerd die de andere leerkrachten ondersteunt. Nu werken ze niet alleen uit het boek, maar doen ze ook andere rekendingen. Peter vond rekenen altijd maar stom en moeilijk, maar komt nu echt enthousiast thuis. Hij snapt het veel beter. Thirza rekent altijd ‘met twee vingers in haar neus’ en die wordt nu ook veel meer uitgedaagd. Zo leuk!
De ouders en kinderen van je school kunnen je de beste PR geven die je je kunt wensen. Mits ze (meer dan) tevreden zijn. PR door CRM.

Dus, de functiemix is niet iets ‘wat moet omdat er aantallen zijn afgesproken’. De functiemix is een instrument dat ingezet kan worden om het voortbestaan van je school te garanderen en waarmee je een goede indruk kunt maken bij zowel het eigen personeel, de ouders en kinderen in de school, als de buitenwereld. Succes!

LIGT JULLIE PROFIEL TE VERSTOFFEN IN EEN BUREAULA? www.Functiemix-PO.nl

Voornemens

(webcolumn 2011-01)

Stel je voor: een gesprekje tussen ouder en leerkracht.
Ouder: “Ik merk dat mijn kind gepest wordt. Niet openlijk, maar zo’n beetje stiekem op het schoolplein.”
Leerkracht: “Ik ben voornemens daar iets aan te doen.”

Noodkreet van een leerkracht in de directeurskamer:
Leerkracht: “Ik trek het niet meer. Mijn klas lijkt alleen te bestaan uit dyslecten  en ADHD-ers. Aaarch…
Directeur: “Ik ben voornemens daar iets mee te doen.”

Het nieuwe jaar is al weer even op gang. Je wordt zo opgezogen door je dagelijkse werkzaamheden dat je bijna vergeten bent dat je recent kerstvakantie had. En hoe zit het met je goede voornemens? Had je die? Werk je daaraan? Of is dat in deze drie weken alweer vervaagd? Goede voornemens hebben vaak betrekking op de privésfeer. Of heb je ook werkgerelateerde voornemens, persoonlijk of misschien zelfs als team?

Zelf doe ik niet aan voornemens. “Ik ben voornemens dat te doen,” klinkt namelijk niet alsof het ook echt gaat gebeuren. Voor mij klinkt het alsof je zegt “Ik heb eraan gedacht en ik weet dat het eigenlijk belangrijk is, maar waarschijnlijk gaat het me niet lukken er werkelijk iets mee te doen.”

Niet echt daadkrachtig. De ouder uit het eerste voorbeeld en de leerkracht uit het tweede voorbeeld druipen teleurgesteld af of gaan volledig door het lint. Kortom: voornemens zetten geen zoden aan de dijk. Dat komt door het woord ‘eigenlijk’ in de bovenbeschreven interpretatie. ‘Eigenlijk belangrijk’ is net zo veel als ‘Blijkbaar belangrijk voor iemand anders, maar ik voel dat niet zo.’ Tja, en dan gaat het dus inderdaad niet lukken.

Even een opsomming van ‘eigenlijk belangrijke dingen’ die ik in de praktijk ben tegengekomen.

“Het is eigenlijk belangrijk dat we
– weten hoe ouders werkelijk over onze school denken;
– het binnen het team eens hebben over ‘wie we zijn’ en ‘wat we doen’;
– de uitstraling van onze school een beetje opfrissen;
– ons functiebouwwerk eens goed onder de loep nemen.”

“Ja, dat is eigenlijk wel belangrijk.” (Let ook op het woord ‘wel’.) Of vind je het wérkelijk belangrijk? Omdat je merkt dat het beter kan, omdat je leerlingenaantal terugloopt, omdat teamvergaderingen langzaamaan zijn verworden tot een verplichte zit zonder resultaat…..

‘Echt belangrijk’ heeft te maken met gevoel en behoefte aan actie. ‘Eigenlijk belangrijk’ duidt meer op algemene opinie, sociaal wenselijkheid gecombineerd met een vleugje desinteresse. Concreet zie je het terug in al die onderwerpen die vorig jaar al onaangeroerd op je takenlijst stonden en ook nu weer een plaatsje hebben gekregen op je opgeschoonde overzicht 2011. Check maar! Ze staan daar, je komt ze steeds weer tegen, maar toch pak je ze niet echt aan. Tijd om daar iets mee te doen! Breng in kaart wat het nut en de noodzaak is van deze taken. Waarom staan ze eigenlijk op je to-do-list? Zijn ze écht belangrijk? Waarom en voor wie? Als je dat in kaart hebt, kun je bepalen of je er mee aan het werk gaat of dat je het definitief naast je neer legt. Dat geeft ruimte voor zaken die er werkelijk toe doen.

Goed voornemen…