5 misverstanden rond de functiemix – en hoe het wel zit.

(FUNCTIEMIX-tips 2010-11) 

In gesprek met schoolleiders en leerkrachten blijkt dat er nogal wat misverstanden leven rond de functiemix. Logisch, want het is nieuw en ingrijpend. In deze functiemix-tips wordt je geïnformeerd over de ware toedracht achter 5 misverstanden.

1)     DE FUNCTIEMIX IS EEN VERPLICHTING

Voor veel scholen voelt de functiemix als een verplichting die van bovenaf is opgelegd. In werkelijkheid gaat het hier om een afspraak tussen alle betrokken partijen. Overkoepelende organisaties hebben – als afgevaardigde van de scholen – bekeken hoe de kwaliteit van onderwijs verhoogt kan worden. Ze zijn tot de conclusie gekomen dat investeren in leerkrachtfuncties hiervoor goede mogelijkheden kan bieden. Op grond hiervan zijn afspraken gemaakt over aantallen en financiële ondersteuning. Mocht in 2011 blijken dat jullie school(bestuur) zich niet aan de afspraak heeft kunnen of willen houden, dan wordt er een financiële herberekening gemaakt. Niet als straf, maar op basis van een reële boekhoudkundige conclusie.

2)     LB IS EEN FUNCTIE

LB is geen functie, maar een niveau. Hoewel het vaak gezegd wordt, kun je leerkrachten dus niet laten solliciteren naar LB. Dat is een inhoudsloze actie. Het LB-niveau van een functie geeft aan waar leerkrachten binnen deze functie aan moeten voldoen. Het bepalende verschil met het LA-niveau ligt in de verantwoordelijkheden die de betreffende LB-leerkracht heeft op beleidsmatig en schoolbreed niveau. Dit zegt op zich dus nog niets over het beleidsterrein en het gewenste expertisegebied waar een functie op gericht is. Wanneer je kijkt naar de voorbeeldfunctie LB (een beschrijving van een functie op LB-niveau) zie je dat ook terug. 

Tip: Neem in de voorbeeldbeschrijving LB op wat de functie inhoudelijk toevoegt aan de schoolorganisatie. Dat is ook een goede leidraad bij functionerings- en beoordelingsgesprekken.

3)     IB-ERS KOMEN NIET IN AANMERKING VOOR EEN FUNCTIE OP LB-NIVEAU

De functiemix is in het leven geroepen om de kwaliteit van leerkrachten te verhogen. De definitie van een leerkracht bevat de eis dat hij/zij minstens 50% groepsverantwoordelijke taken heeft. Veel IB-ers hebben zich volledig gespecialiseerd en zijn in hun functie dan ook geen leerkracht meer. Niets houdt je tegen om een IB-functie op LB-niveau te beschrijven. Voor de procentuele afspraken rond de functiemix telt dit echter niet mee. IB-ers die wel minimaal de helft van hun tijd besteden aan leerkrachttaken kunnen wel worden opgenomen in de functiemix.

Tip: Verdeel de IB –taken over twee leerkrachten met een zorgspecialisatie op LB-niveau. Dit telt voor de functiemix, er is ruimere expertise en een automatische back-up aanwezig.

4)     ALLEEN OPLEIDINGEN MET EEN LERARENBEURS VOLDOEN VOOR HBO+-NIVEAU

Eén van de eisen voor een hogere leerkrachtfunctie is het functioneren op HBO+-niveau. Dat lijkt een harde eis, maar is in werkelijkheid moeilijk definieerbaar en nog moeilijker aantoonbaar. Dit heeft tot gevolg dat een groot aantal schoolleiders gaat voor zekerheid: alleen opleidingen met een lerarenbeurs gelden voor HBO+-niveau. Hiermee doe je echter een deel van je personeel te kort. Natuurlijk voldoen genoemde opleidingen als ze als zodanig geaccrediteerd zijn, maar er zijn meer mogelijkheden. Denk bijvoorbeeld aan leerkrachten die zich de afgelopen jaren door middel van cursussen en zelfstudie hebben geschoold in een bepaald specialisme. Ook zij kunnen de kennis, houding en vaardigheden hebben die bij het gewenste niveau horen. Moeilijker meetbaar, maar minstens zo waardevol.

Tip: Laat leerkrachten die in aanmerking willen komen voor een functie op LB-niveau zelf beschrijven waarom zij denken te beschikken over vereist niveau en hoe zij denken bij te dragen aan de ontwikkeling van de school.

5)     FUNCTIEBESCHRIJVINGEN KUNNEN NIET NAAR EIGEN INZICHT GEWIJZIGD WORDEN

Er zijn diverse voorbeeldfuncties als leidraad voor het functieboek. Vaak worden ze één op één overgenomen omdat gedacht wordt dat dat moet of omdat het anders een ‘te dure grap’ wordt. Een eigenschap van de voorbeeldfuncties is echter dat ze zo algemeen zijn dat ze overal passen, maar eigenlijk inhoudelijk ook net niets zeggen. Om de functiebeschrijvingen van waarde te laten zijn voor de organisatie is aanpassing gewenst. Aanpassing  hoeft trouwens geen gevolgen te hebben voor de waardering. Je kunt een expertisegebied in de beschrijving toevoegen zonder het verantwoordingsniveau te veranderen. Dan is waardering niet altijd nodig of het is zo eenvoudig dat de kosten laag blijven.

Tip: Laat aangepaste functiebeschrijvingen altijd checken door een FUWA-expert. Soms leidt een verandering van een klein woord tot een onverwacht veranderd scorepatroon.

 

ZEKER WETEN DAT EEN HERSCHREVEN FUNCTIE VOLDOET AAN HET SCOREPATROON? http://www.Functiemix-PO.nl

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s